Vachtverzorging Ierse setter

In de column van deze week heb ik het over de sierlijke Ierse setter. De Ierse setter kent twee varianten: de Ierse rode setter en de Ierse rood-witte setter. De rode setter is roodbruin van kleur, de rood-witte setter is wit met dieprode vlekken. Hoewel de rood-witte setter het langst bestaat, werd deze pas in 1989 officieel als ras erkend.

Ondanks dat een Ierse setter een relatief gemakkelijke hond is qua onderhoud zijn er toch een aantal zaken die je als baasje goed moet bij houden. Doe je dit niet, dan is de kans groot dat ook een Ierse setter klitten krijgt. Ik zal u in deze column weer meer vertellen over het zelf bijhouden van de verzorging van de vacht, maar ook hoe vaak u de hond het beste kunt laten trimmen of hoe.

 .

De Ierse setter en zijn vacht

De Ierse setter is een hond met een adellijk uiterlijk. Het haar is erg zacht en voelt aan als zijde. Het haar op de hoofd, de voorkant van de benen en de toppen van de oren is kort en fijn. Op alle overige lichaamsdelen is het haar halflang. Het vacht van de Ierse setter mag niet gekruld of golvend zijn. Men kan het beste voorzichtig zijn met een castratie of sterilisatie, de Ierse setter is net zoals de Engelse cockerspaniël erg gevoelig voor verandering in structuur van de vacht na een ingreep. Dus houd hier rekening mee als u een Ierse setter aanschaft.

De kleur  van de rode setter moet rijk goud kastanjebruin zijn zonder enige zweem naar zwart. Een klein wit vlekje op de borst, keel, tenen of neus is toegestaan. Bij de rood-witte setter moet de grondkleur wit met rode vlekken zijn (het lijken net eilandjes). De rood-witte kan wat vlekjes hebben, maar die zijn alleen toegestaan op het hoofd en benen.

ierse setter

ierse setter

Modellen Ierse setter

Als u een hond wilt waarvan je de vacht in een leuk puppymodel kunt laten knippen, dan is de Ierse setter niet de hond voor u. De Ierse setter heeft een klassieke uitstraling, en moet dan ook met zorg geplukt en geknipt (geëffileerd) worden. Laat een Ierse setter nooit volledig kort scheren, dit is echt doodzonde en u bederft de vachtstructuur hiermee. Voor de verzorging van de vacht is het belangrijk dat uw hond went aan het kammen, borstelen en wassen. Uw fokker of trimmer kan u adviseren over de verschillende soorten borstels en kammen die bij uw hond passen. Begin al op vroege leeftijd met het leren/wennen aan het wekelijkse borstelen.

 ierse setter

Zelf de vachtverzorging van uw Ierse setter bijhouden

Om uw hond zo lang mogelijk na het trimmen mooi en glanzend te houden, is het erg belangrijk om uw hond goed zelf te onderhouden. Dit doet u door middel van regelmatig borstelen en doorkammen, de juiste voeding, en dagelijks of om de dag klitcontrole uit te voeren. Maar ook hoort het wassen en droogföhnen bij de verzorging van uw Ierse setter.

 

Wassen van de Ierse setter:

In tegenstelling tot wat veel mensen denken, mag de hond regelmatig in bad zonder dat zijn vacht of huid daaronder lijdt. Sterker nog, regelmatig wassen is sterk aan te bevelen. Bovendien is een schone vacht veel makkelijker te onderhouden en is hygiënischer. U kunt hier een goede shampoo en eventueel een conditioner voor gebruiken. Maar voor het mooiste resultaat, “en ja daar kom ik weer” kunt u het beste een hondenshampoo met minkolie kopen. Minkolie zorgt voor een natuurlijke beschermlaag en zorgt voor een natuurlijke glans na het wassen. Ook zorgt de minkolie ervoor dat u de vacht beter kunt door kammen en borstelen.

Het water moet handwarm zijn. Zet uw hond in de badkuip of douchecabine. U maakt de vacht nat met de douchekop, waarna de shampoo wordt aangebracht. Let er bij het wassen op dat er geen shampoo in de ogen van uw hond komt. Spoel de hond af vanaf de aanzet van het voorhoofd naar achteren. Houd het hoofd van de hond daarbij iets omhoog. Op deze manier kan er geen water in de ogen en neus van de hond lopen. Pas als het water volkomen schuimvrij is, mag het over de snuit lopen. Houd het hoofd van de hond nu naar beneden, zodat er geen water in de neusgaten kan lopen. De vacht van altijd twee keer wassen en zeer grondig uitspoelen. Wanneer de vacht langer begint te worden is het gebruik van een crèmespoeling aan te bevelen. Is uw hond helemaal schuimvrij, til dan uw hond op, wikkel hem of haar in een badlaken, zet hem weer op de grond (of op tafel) en droog hem af. Gebruik hiervoor verschillende droge handdoeken.

 

Droogföhnen en borstelen van de Ierse setter:

Zorg dat uw hond goed met de handdoek afgedroogd is. Gebruik een föhn of een waterblazer (een speciale, zeer krachtige föhn). Als u een waterblazer gebruikt, ga dan rustig over de vacht met de haargrens mee. Ga pas een stukje verder als er een stuk droog is. Als de hond helemaal droog is, borstelt u hem goed door en controleert u met de kam of er geen klitten meer aanwezig zijn.

Bij het gebruik van een föhn, blijf niet te lang op een en dezelfde plek föhnen. Een föhn kan namelijk heel erg heet worden. Controleer steeds of de plek waar u de föhn houdt niet te warm wordt. Wanneer de hond helemaal droog is, controleer met de kam of er geen klitten meer in de vacht aanwezig zijn. Mocht dit wel het geval zijn, borstel de klitten er dan uit en controleer opnieuw. Zorg ervoor dat de vacht van uw hond echt goed droog is, er mag geen vocht in de vacht blijven zitten. Als dat wel gebeurt, gaat het vacht van uw Ierse setter klitten of de vacht kan muf gaan ruiken.

 

Tot slot

Klitten kunnen voorkomen indien de vacht niet regelmatig geborsteld wordt. Veel voorkomende plekken zijn dan achter de oren, in de okselholte en in de liezen. Ze kunnen met de hand, borstel of grove kam ontward worden als de klitten nog klein zijn. Als ze te groot zijn geworden kunt u ze het beste voorzichtig wegknippen met een scherpe schaar. Borstel altijd met de richting van de haren mee. Doet u dit tegen de haren in dan kunt u de huid beschadigen en zullen er juist klitten ontstaan. De Ierse setter moet 3 tot 6 keer per jaar getrimd worden.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.