dove hond

Het verhaal van dove hond Bluts: Onnozele kinderkesdag 2011

Nu weet ik wel dat onnozel, hier in deze Kersttijdsfeer, onschuldig betekent, maar toch….Het was precies een voorteken!

Mijn eerste dag op aarde

Zeven keer floep en een zachte kreun en dan ploef en een luide kerm.
Ik was er! De jongste en de dikste van een nest van acht.
Mijn kerm was een schreeuw om lucht, om hulp want ik dreigde te verstikken.
En ja, warempel, twee seconden later werd ik al gemarteld –voor het goede doel, weliswaar, maar het zal je maar overkomen – ik hing met mijn kopje naar beneden, zodat de slijmpjes uit mijn luchtpijp konden glijden.
Dapper was ik, en flink. En van in het begin baande ik mij een weg langs mijn zuigende broertjes en zusje, hop naar de comfortabelste en bestgevulde tepel.
En verder sliepen we, kruifelden rond en werden schandalig verwend.

De dierenarts

Totdat…Mijn vrouwtje naar de dierenarts ging voor onze eerste vaccinatie en onze chip.
We werden van kop tot teen gekeurd, ook onze mama.
En we kregen allemaal tien op ons rapport, ( behalve Jing Jang, want bij hem was er nog maar één klootje ingedaald). We waren rustig doch speels, hadden allemaal een intelligente, onderzoekende blik, maar we waren ook uitgeslapen. Onze mama leed niet aan een postnatale depressie en had geen kapotgebeten tepeltjes.
Kortom in de annalen van ons geboorteboek waren we het ideale nest, met een prima mama en een uitstekend vrouwtje.
Ik wil dit wel even vermelden want ons vrouwtje kreeg ook een pluim van de dierenarts. Zij leidde immers onze opvoeding in goede banen.

Echter…
Toen kwamen de lastige vragen. Je moet weten wij zijn Border Collies. En Borders zijn zwart, met hier en daar wat wit, maar wel op de juiste plaatsen. Welnu in mijn nest waren er drie witte, met hier en daar wat zwart, en helemaal niet op de juiste plaatsen.
En toen kwam de vraag die insloeg als een donderslag bij heldere hemel:

“De witte hondjes, horen die wel? Zijn die niet doof?”
“Wat”, zei mijn vrouwtje, “doof? Nee, ze reageren allemaal normaal”
“Dat kan je in groep en als ze allemaal wakker zijn niet weten. Je moet wachten tot ze allemaal slapen en dan een vreselijk lawaai maken. Zo zal je zien of ze al dan niet schrikken” zei de dierenarts.
Helemaal niet ongerust reden we naar huis, waarom zouden we. We waren immers één bende vrolijke hondjes.
Maar toch…

Was ik doof?

Mijn vrouwtje besloot de test te doen. Op een middag lagen we allemaal in het zonnetje in de keuken, onze siësta te houden. Zoals het past voor jonge hondjes na een goede maaltijd.

Bwang Bwang Bwang… klonk het plots door de keuken. Mijn vrouwtje was eerst, om ons niet te wekken, op haar kousenvoeten de keuken binnengeslopen en dan… sloeg ze met twee deksels van potten tegen elkaar. Iedereen schrok wakker. Iedereen… behalve ik. Ik sliep rustig verder alsof de hel niet boven ons hoofd was losgebroken. Het verdict was gevallen, ik was doof. Mijn toekomstige baasje wou nog een dubbelcheck. De dierenarts liet mij terug onverhoeds schrikken, maar ik reageerde niet. Hij stelde voor om mij heel grondig te laten nakijken aan de faculteit diergeneeskunde, met narcose en elektrodes en infusen… en waarom? Om wetenschappelijk vast te stellen dat ik doof was. Twee deksels van potten met bijhorend lawaai, waren toch wel overtuigend genoeg zeker.
De dierenarts schilderde een beeld van mijn toekomstig leven af: een trauma van de onderzoeken aan de universiteit, een leven vol onbegrip omdat ik niet kon horen, mijn toekomstige baasje dat mij niet wou, omdat hij een echte werkhond wou. Ik zou agressief worden, kindjes bijten…
Alea iacta erat , het verdict was nu zeker gevallen: ik was onnozel, doof, een potentieel gevaar voor de maatschappij…
En ik, ik wou alleen maar gelukkig zijn en iedereen nam beslissingen boven mijn kopje.

Een dove hond in een warm mandje

En toen…
nam mijn vrouwtje een beslissing, de beste die ze al in haar leven genomen had (volgens mij dan). Zij zou mij houden en opvoeden. Zij zou mij alles leren en maken dat ik niet gefrustreerd geraakte.

dove hond
Dus toen kwam de kat op de koord…
en mijn vrouwtje ging naar de Bassebeekschool en daar werd ze met open armen ontvangen.
Hoe dat er aan toe ging vertel ik jullie de volgende keer. Maar ik kan jullie wel al vertellen, dat ik op mijn zes maanden al in de B-klas zit en dat ik een heel flink hondje ben!
Tot de volgende keer, dan vertel ik jullie hoe dove hondjes het doen!

Jullie BLUTS

Geschreven door: Thais Gryson